Definitie van praktijkonderzoek

De definitie van Van der Donk en Van Lanen (2016) sluit goed aan bij onze visie op onderzoek binnen de academische opleidingsschool (AOS). Zij gaan uit van onderzoek verricht door zowel leraren als leraren in opleiding. Hun definitie lees je hiernaast.

Deze definitie verwijst ook naar het doel van praktijkonderzoek: het verbeteren van de praktijk in de scholen. Naast praktijkonderzoek komt ook de term ‘praktijkgericht onderzoek’ voor. De beide termen betekenen niet hetzelfde volgens Timmermans, Ros en Van der Steen (2016).

Praktijkonderzoek in de school is onderzoek dat wordt uitgevoerd door leraren en leraren in opleiding, waarbij op systematische wijze in interactie met de omgeving antwoorden verkregen worden op vragen die ontstaan in de eigen onderwijspraktijk en gericht zijn op verbetering van deze praktijk.

  • Praktijkonderzoek is onderzoek dat leraren zelf uitvoeren.
  • Praktijkgericht onderzoek is onderzoek dat onderzoekers uitvoeren op basis van vragen uit het onderwijsveld.

Binnen de AOS ligt de focus op praktijkonderzoek dat leraren en leraren in opleiding zelf uitvoeren. Voor deelname aan praktijkgericht onderzoek hoef je immers niet speciaal een academische basisschool te zijn. We vinden wel dat de AOS praktijkgericht onderzoek mogelijk moet maken.

Wie is verantwoordelijk voor het praktijkonderzoek?

De AOS-scholen (en hun besturen) zijn zelf verantwoordelijk voor het opzetten en uitvoeren van praktijkonderzoek in de scholen. De Hanzehogeschool en de AOLB zijn medeverantwoordelijk voor zover het gaat om praktijkonderzoeken die door studenten worden uitgevoerd.

Doel van praktijkonderzoek in de school: professionele leergemeenschap

Praktijkonderzoek kan in principe drie doelen hebben volgens Timmermans e.a. (2016).

  • Professionele ontwikkeling,
  • Schoolontwikkeling,
  • Kennisontwikkeling.

Bij professionele ontwikkeling gaat het om het verbeteren van het functioneren van individuele of groepen leraren, waaronder leraren in opleiding, door het doen of leren doen van praktijkonderzoek. De professionele ontwikkeling is bij uitstek een taak voor de lerarenopleiding in samenwerking met de opleiders in de AOS-scholen.

Bij schoolontwikkeling gaat het om het verbeteren van het functioneren van de school(organisatie) als geheel door het uitvoeren van praktijkonderzoek. Dit is vooral de taak voor de onderzoekscoördinatoren samen met de schoolleiders van de AOS-scholen.

Bij kennisontwikkeling gaat het om het uitvoeren van praktijkonderzoek dat resultaten oplevert die ook voor anderen buiten de school van belang zijn. Dit doel is minder relevant voor de AOS-scholen.

Binnen de AOS-scholen staan de doelen ‘professionele ontwikkeling’ en ‘schoolontwikkeling’ centraal. Als scholen hier door middel van praktijkonderzoek aan werken, ontwikkelen zij zich in de richting van professionele leergemeenschappen. Het uiteindelijke doel van het praktijkonderzoek in de AOS-scholen is dan ook dat de scholen na verloop van tijd als professionele leergemeenschap gekenschetst kunnen worden. Ros en Keuvelaar-Van den Bergh (2017) definiëren een professionele leergemeenschap als volgt:

Een professionele leergemeenschap is een leergemeenschap met leraren die een lerende, onderzoekende houding hebben en waarin alles erop is gericht om leerproces­sen van leerlingen onderbouwd te verbeteren (evidence-informed handelen en beleid).

Het bredere doel van praktijkonderzoek in de school is dat AOS-scholen zich in de loop der tijd ontwikkelen tot professionele leergemeenschappen. Dit is volgens Ros en Keuvelaar-Van den Bergh (2017) een proces dat meerdere jaren in beslag neemt. Zij onderscheiden vijf fasen die scholen kunnen doorlopen op weg naar een professionele leergemeenschap op in totaal acht aspecten die in dat verband van belang zijn.